Vakdidactiek - verdiepingsliteratuur


In het pdf bestand kunt u literatuur vinden, die wij als verdiepingsstof beschouwen voor eerstegraadsdocenten kunsttheorie.

NIEUWE VAKDIDACTISCHE LITERATUUR: NB De onderstaande 4 boeken sluiten erg goed aan op actuele ontwikkelingen gericht op verbetering van de kwaliteit van het onderwijs en professionalisering van docenten, maar deze boeken sluiten inhoudelijk ook erg op elkaar aan. Ze zijn daarom bijzonder interessant voor docentenopleiders, docenten en studenten van kunstvakdocentenopleidingen (WO-master en HBO-master). Deze vier titels zijn daarom toegevoegd aan de Literatuur Kennisbasis didactiek van de Kunsttheorie (versie 2013).

  • Hargreaves, A., & Fullan, M. (2012) Professional Capital. Transforming teaching in every school. meer info"Transforming education is one of the signature challenges of our times. Professional Capital sets out exactly and undeniably why the only way to do it is to honor and improve the profession of teaching." Dit boek gaat in op wat onderwijs van nu vraagt van docenten en het doceren en dat is geen 'quick fix' omdat onderwijs, leerprocessen en doceren complexe taken zijn. Het beschrijft vanuit een internationaal perspectief wat er misgegaan is bij allerlei onderwijshervormingen (inclusief de te eenzijdige focus op cijfers in de prestatiegerichte benadering - of zoals zij zeggen: "be evidence informed not data driven"). ). Professioneel kapitaal benaderen zij niet vanuit goed onderwijs als een economische noodzaak, maar vanuit de noodzaak tot professionalisering vanuit het perspectief van het vollediger benutten van menselijk kapitaal, sociaal kapitaal en besluitvormings kapitaal. Vervolgens gaat het boek op een erg constructieve en heldere manier in op wat je als docent zelf in je eigen team kunt doen om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Het boek levert veel docenten, schoolleiders en beleidsmakers ongetwijfeld heel veel herkenning op vanwege de diepgaande inzichten in onderwijs van de auteurs. Zij bekijken steeds alle aspecten vanuit meerdere invalshoeken, onderbouwen alles vanuit onderzoek. De auteurs gaan in op meerwaarde van de school als professionele leergemeenschap en zijn heel direct in hun benaderingswijze: ze spreken de docent aan op de eigen kansen en mogelijkheden en geven ook de veel voorkomende valkuilen goed weer. Het boek is helder geschreven en zal veel docenten niet alleen een sterk gevoel van herkenning maar ook erkenning geven. De suggesties die zij geven voor docenten om zich te professionaliseren zijn: "1: Become a true pro; 2: Start with yourself: examine your own experience; 3: Be a mindful teacher; 4: Build your human capital through social capital; 5: Push and pull your peers; 6: Invest and accumulate your decisional capital; 7: Manage up: help your leaders be the best they can be; 8: Take the first step; 9: Surprise yourself; 10: Connect everything back to your students." Meer over dit boek is te lezen via google books (begin met screenen van Hoofdstuk 3) en deze link bevat een samenvatting (Eng.).
  • Krechevsky, M., Mardell, B., Rivard, M., & Wilson, D. (2013). Visible learners. Promoting reggio-inspired approaches in all schools. meer info. Samenvatting van het boek: Visible Learners

     Onderzoekers van het Harvard Project Zero werken sinds de jaren 90 samen met de Reggio Emilia docenten, om op basis van hun specifieke pedagogiek te kijken in hoeverre deze ook op andere niveaus en vakken toe te passen is. In dit boek hebben zij een aantal voorbeelden uitgewerkt en voorzien van een gedegen theoretisch kader. Deze aanpak gericht op het zichtbaar maken van het leerproces en de lerenden (gericht op onderzoekend leren en samenwerkend leren) door het documenteren en het werken in professionele leergemeenschappen lijkt heel erg interessant en geschikt voor de zo gewenste kwaliteitsverbeteringen in het onderwijs, zoals bij het vak CKV maar is ook voor opleiders, docenten en studenten in de kunstvakken de moeite waard.

  • Hetland, L., Winner, E., Veenema, S., & Sheridan, K. (2013). Studio Thinking 2. In Studio Thinking hebben Hetland, Winner, Veenema en Sheridan een beschrijvend onderzoek gedaan naar de specifieke 'studio thinking habits of mind' ofwel de specifieke denkvaardigheden die bij de (productieve) kunstlessen ontwikkeld worden. Zij komen daarbij tot deze acht studio thinking habits:

    1.     Kennis van materialen en technieken ontwikkelen

    2.     Betrokkenheid en Doorzettingsvermogen

    3.     Observeren

    4.     Visualiseren/voorstellingsvermogen

    5.     Vermogen tot expressie

    6.     Vernieuwen door exploreren en experimenteren

    7.     De kunstwereld begrijpen

    8.     Reflectie & zelfevaluatie

    In 2013 hebben zij een herziene tweede editie uitgebracht: Studio thinking2, waarin zij verder ingaan op voorbeelden van de specifieke denkvaardigheden van de kunstlessen. Zij geven voorbeelden van specifieke docentvaardigheden als demonstratie-lezing; het begeleiden van leerling werkprocessen;  kunstkritiek/kunstanalyse en presenteren.

  • Hattie, J. (2012) Visible Learning for Teachers. In het onderwijs staat momenteel het evidence-based leren centraal.

    Onderwijsvernieuwingen moeten gebaseerd zijn op grondig wetenschappelijk onderzoek naar de effectiviteit ervan, voordat er iets nieuws ingevoerd mag worden. Deze trend deed zich niet alleen in Nederland na de invoering van de tweedefase voor, maar eveneens in de VS en ook in Nieuw-Zeeland en AustraliŽ, waar onderzoeker Hattie maar liefst 800 meta-analyses (meta-analyse is al een onderzoek over andere onderzoeken) onderzocht. De conclusies zijn soms voor de hand liggend (de invloed van de wijze van doceren door de docent is erg groot) maar interessant is, welke factoren nu wel/niet een groot effect hebben op het leren. Hoewel je ook deze gegevens uit zoveel meta-analyses kritisch moet blijven bekijken, is de wijze waarop Hattie met de uitkomsten om gaat erg zorgvuldig. De belangrijkste conclusie is dat wanneer de docent het leren bekijkt vanuit het perspectief van de leerling, en de leerling het leren bekijkt vanuit het perspectief van de docent, het leren optimaal lijkt te zijn. Een pdf van zijn belangrijkste conclusies is te vinden als pdf: http://www.docstoc.com/docs/13126140/Presentation-slides---John-Hattie---Visible-Learning-Tomorrows In 2012 is een nieuw boek voor docenten uitgegeven. Daarin zijn de resultaten uit het onderzoek opgenomen in didactische adviezen voor docenten. Dit is een erg goed boek voor (eerstegraads) docenten omdat het de onderzoeksresultaten op een heldere manier relateert aan lespraktijken.  

Interessant in het kader van het onderwerp kwaliteitsverbetering 

  • Onderwijs in Finland: Finland heeft al jaren een heel goed resultaat op het gebied van onderwijs, ze scoren hoog bij de PISA testen, maar hebben toch ook ruim aandacht voor veel andere kernvakken in het curriculum, zoals kunstvakken. Zie 2009. Wat doen ze in Finland zo goed? "Improving the teaching force, limiting student testing to a necessary minimum, placing responsibility and trust before accountability, and handing over school- and district-level leadership to education professionals." In Finland is het opleidingsniveau van de docenten erg hoog: minimaal een academisch master niveau is vereist voor docenten in alle soorten onderwijs. Het hoge opleidingsniveau van de docenten in combinatie met wettelijke kaders en daarnaast veel vertrouwen en verantwoordelijkheid voor de uitvoering van het onderwijs door de professionele docent lijkt een uitstekend uitgangspunt, ook wenselijk in Nederland. Maar alleen de verantwoordelijkheid bij de docent neerleggen, onder de noemer van ruimte voor scholen en docenten, met dwingende kaders en strenge toetsing voor bepaalde vakken (Wiskunde, Nederlands en Engels) maar zonder kaders voor andere vakken (zoals CKV en kunstvakken - zie wetsvoorstel hierboven) en zonder eerst het opleidingsniveau te verhogen naar de Finse normen, dat lijkt geen goede strategie om de Finse prestaties te kunnen evenaren. Pisa 2006 en Schools we can envy? en Presentatie Pasi Sahlberg http://www.oecd.org/pisa/46623978.pdf

NIEUWE VERDIEPINGS LITERATUUR:

 

NIEUWE NATIONALE EINDTERMEN KUNSTONDERWIJS IN VS 
  • De NCCAS (National Coalition for Core Arts Standards) in de Verenigde Staten, heeft een nieuwe website http://nationalartsstandards.org/ waarop alle eindtermen van de doorlopende leerlijn voor de verschillende kunstvakken van PO tot VO te bestuderen zijn. Om tot deze eindtermen te komen hebben zij experts uit alle geledingen een programma van eindtermen laten ontwikkelen, gebaseerd op een aantal richtlijnen. Deze eindtermen zijn ook voor docenten in Nederland interessant om te bestuderen. De verwantschap in uitgangspunten voor kunstonderwijs tussen deze NCCAS eindtermen en Hybride Kunsteducatie is groot (zie p. 10 uitgangspunten en de kunstvaardigheden). Veel van de door de NCCAS ontwikkelde documenten kunnen  goed in combinatie met de doorlopende Hybride Kunsteducatie gebruikt worden (zijn compatibel). Bekijk bijvoorbeeld de eindtermen voor Visual Arts_Creating en vergelijk deze met de Matrix Hybride Kunsteducatie en vergelijk p. 16 en 17 van 'Visual Art_Secondary Accomplished' met pag. 2 en 3 van de Beoordelingscriteria en rubrics voor beeldende processen en producten - er zijn wel verschillen in volgorde, maar de basis is verwant: Hedendaagse professionele kunstpraktijken; 21ste eeuwse vaardigheden; inzichten uit wetenschappelijk onderzoek (onderwijswetenschappen). De verwantschap tussen de NCCAS eindtermen, Studio Thinking (Hetland & Winner), Authentieke kunsteducatie (Haanstra) en Hybride kunsteducatie is om dezelfde reden ook groot. Tot slot nog: de essential questions p. 8 t/m 11 van 'Visual Art_Secondary Accomplished' zijn erg goed hanteerbaar voor Nederlandse docenten om zo het leren over en door kunst nog betekenisvoller te kunnen maken voor leerlingen.